Discussion about this post

User's avatar
Heimdall Lommelykt's avatar

Je punt over het amalgaam in Wieringa’s column is terecht: het samenvoegen van uiteenlopende groepen tot één verdacht blok maakt een inhoudelijk gesprek onmogelijk. Een paar feitelijke kanttekeningen bij de rest.

Je verdelingsvraag is terecht, en daarover moet politiek gedebatteerd worden. Maar dan moet de vergelijking kloppen. Het bedrag van rond de 20 miljard is grotendeels de structurele groei richting de NAVO-norm voor de eigen krijgsmacht, geen steun aan Oekraïne. Bovendien zet je een jaarbedrag naast de 7 miljard voor woningen, terwijl dat een totaal tot 2035 is. De steun aan Oekraïne in dezelfde tabel is 3 miljard per jaar over drie jaar, dus van dezelfde orde als het woningbudget. Een groot deel van de defensiegroei is reparatie na decennia van blind bezuinigen. Het woningtekort wordt overigens vooral door grond, stikstof en bouwcapaciteit bepaald, niet door de rijksbegroting. En als het om een verdelingskeuze gaat, is het gewone politiek. Het etiket “koorts” maakt van een meningsverschil over prioriteiten een ziektebeeld, en daarmee doe je wat je Wieringa met “geïnfecteerd” verwijt.

Over Jolle Demmers: ik heb geen aanwijzingen gevonden dat er een campagne was om haar de leerstoel af te nemen. In 2023 was er een storm op sociale media na een artikel van de UU over haar lezing. De universiteit verwijderde dat artikel in overleg met haar en verdedigde tegelijk ruimte voor uiteenlopende standpunten. Ze is nog altijd hoogleraar en schrijft regelmatig opiniestukken.

De bronnen die je aanhaalt, pleiten deels tegen je conclusie. Zartmans mutually hurting stalemate betekent dat onderhandelingen pas rijp worden als beide partijen doorgaan als te kostbaar ervaren. Sweijs zegt in wezen hetzelfde. Dat vraagt juist om druk op de agressor, niet om het wegnemen ervan. Brandts Ostpolitik werkte binnen de dubbele lijn van het Harmel-rapport: defensie én ontspanning.

Marthe van Bronkhorst (Hard//hoofd) wijst terecht op terugkerende oorlogsframes. Maar ze doet zelf wat ze bekritiseert. Ze spreekt van pro-militaristen en “oorlogsplannen” van het kabinet, terwijl het kabinet werkt aan financiering, maatschappelijke weerbaarheid en een mogelijke herziening van de opgeschorte dienstplicht. Dat zijn voorbereidingen om een oorlog te voorkomen of te doorstaan, geen plannen om er een te beginnen. Ook haar suggestie dat experts verdacht zijn omdat hun instituut mede door Defensie of de NAVO wordt gefinancierd, is precies de verschuiving van argument naar persoon die je zelf bij het verwijt “Putin-knuffelaar” afwijst. Wie frames wil ontmaskeren, moet zijn eigen frames ook benoemen.

Dat raakt aan een breder punt: de tegenstelling “wapens of diplomatie” bestaat niet. Clausewitz noemde oorlog de voortzetting van politiek met andere middelen. Lenin nam dat in 1915 in Socialisme en oorlog expliciet over. Juist in de socialistische traditie is dus altijd begrepen dat oorlog en onderhandeling twee kanten van dezelfde politieke strijd zijn. Akkoorden weerspiegelen de verhoudingen op het moment van tekenen; Dayton kwam pas na Operatie Storm en de NAVO-bombardementen. Militaire steun is daarom geen alternatief voor diplomatie, maar vaak de voorwaarde om er iets mee te bereiken.

Ook dat we “erg diep” in de oorlog zitten, strookt niet met de werkelijkheid. Nederland is geen partij bij het conflict. Volgens de gangbare juridische opvatting maken wapenleveranties, training en financiële steun een staat niet tot strijdende partij, zeker niet als het steun betreft aan een land dat zich op grond van artikel 51 van het VN-Handvest verdedigt. De oud-F-16-vliegers uit je eigen bron werken op persoonlijke contracten, niet als Nederlandse militairen. De echte blootstelling van Nederland is de Russische hybride campagne in Europa: sabotage, cyberaanvallen, drones boven militaire terreinen. Die richt zich op ons, of we nu leveren of niet. Wie de nabijheid van de oorlog verwijt aan de steun, keert de volgorde om.

Over Gaza en Jemen: de inconsistentie is reëel, en Westerse wapenleveranties daar verdienen kritiek. Maar consistentie betekent dan het internationale recht ook daar toepassen, niet het in Oekraïne loslaten.

Je slotvraag is terecht, en hij geldt ook voor de vredesbeweging. Wat zou Moskou ertoe bewegen aan tafel te accepteren wat het op het slagveld niet hoeft te accepteren? En wie dwingt een akkoord af? Zonder antwoord daarop is “onderhandel” een richting, geen plan.

No posts

Ready for more?