
Er is een truc die in het Nederlandse debat steeds vaker naar boven komt. In plaats van een standpunt te weerleggen, verwijt je de ander van alles en nog wat te zijn. Wie kritiek heeft op Israël, hoort al jaren dat dit "eigenlijk" antisemitisme is. Afgelopen tijd rondom de Stop De Oorlogskoorts-protestactie op de Dam zagen we heel duidelijk een vergelijkbaar fenomeen in de spotlight. Wie zich zorgen maakt over eindeloze wapenleveranties aan de Oekraïne, hoort nu dat hij of zij een nuttige idioot van Putin is. In beide gevallen verschuift het gesprek naar jezelf moeten verdedigen.
I. Wat Wieringa schrijft
Op 24 september publiceerde Tommy Wieringa in de Volkskrant de column "De kinderen van Odesa hebben niets aan onze pacifisten".1 Hij opent met een nacht in Odesa. Drone-aanvallen vanaf 2 uur 's nachts, kinderen met paniekaanvallen, scholen die worden geraakt. Dat leed is echt. Niemand ontkent het.
Daarna stelt hij dat Putin militair vastloopt, maar zijn informatiefront in Europa wint. Putin zit volgens hem in de hoofden van de "siegheilende" Wij-zijn-het-volk-demonstranten op het Malieveld, van de demonstranten van Stop de Oorlogskoorts op de Dam, van boeren die het spoor saboteren, van SP-leider Jimmy Dijk, van VN-rapporteur Francesca Albanese, van FvD-interimfractievoorzitter Ralf Dekker en van BBB-leider Henk Vermeer. Al die hoofden zijn volgens hem geïnfecteerd met Putin’s desinformatie en propaganda. Zijn conclusie: dit is Kremlin-propaganda om de bereidheid om een Russische overwinning vrede te noemen. Iedereen op één hoop.
Kijk naar die opsomming. Wieringa begint bij een groep die volgens hemzelf de Hitlergroet brengt. Daarna schuift hij door naar boeren, een linkse partijleider, een VN-functionaris en vredesactivisten. Wat hen verbindt is geen ideologie, geen analyse en geen gedeeld doel. Ze wijken af van zijn lijn, en dat is genoeg voor hem. Hup, allemaal een Putin-knuffelaar.
Retorici noemen dit een amalgaam. Je koppelt uiteenlopende groepen aan elkaar, zodat de slechtste onder hen het imago van de rest bepaalt. Let ook op het woord geïnfecteerd. Wie besmet is, heeft geen argumenten meer, alleen symptomen. Je hoeft er dan niet meer mee in gesprek.
In het debat over Israël zie je dezelfde beweging. Mensenrechtenorganisaties, joodse activisten, VN-instanties, het Internationaal Strafhof in Den Haag, studenten en echte antisemieten belanden onder één noemer. Kritiek op staatsbeleid wordt dan gelezen als haat tegen een religie.
II. Gedachte-experimenten als argument
Wieringa zet Rusland’s eisen, zoals het afzetten van Zelensky, het opgeven van de Donbas, en ontwapening, naast de oproep van de demonstranten voor vrede, diplomatie en sociale zekerheid. Wie om onderhandelingen vraagt, aanvaardt daarmee nog niet die voorwaarden.
Hij noemt de koppeling tussen Oekraïne-steun en sociale zekerheid immoreel, ondanks dat begrotingskeuzes precies zijn waar politiek Den Haag over gaat. Verderop in dit artikel staan de cijfers. Hij sluit af met "Vertel dat aan de kinderen van Odesa." Zo wordt elk politiek standpunt teruggebracht tot de vraag of je bereid bent een kind te laten sterven. Dat dilemma stelt de werkelijkheid niet.
Arts en schrijfster Marthe van Bonkhorst beschreef in haar nieuwsbrief Hard//hoofd een reeks terugkerende oorlogsframes.2 Bijna alle zetten uit de column staan erin.
Het frame "vrede is utopisch". Voorstanders van militarisering doen volgens Van Bonkhorst alsof ze zeker weten dat wapens vrede brengen. Dat weet niemand. Ze verwijst naar Oxfam Novib, dat in 2026 stelde dat elke euro in vredesopbouw tot zestien euro aan conflictkosten kan besparen. Ze citeert ook defensie-expert Tim Sweijs, die zegt dat oorlogen eindigen als een partij haar doelen bereikt, of als doorzetten te duur wordt omdat geld of wapens opraken. Over die tweede uitkomst, een zogeheten "hurting stalemate", hoor je in het publieke debat volgens haar vrijwel niets.
Het frame "doe mee in mijn gedachte-experiment". De kinderen van Odesa zijn daar een voorbeeld van. Een politieke vraag wordt zo een individueel moreel drama. Gedachte-experimenten zijn ook de andere kant op te maken. “Je tegenstander is een kindsoldaat. Schiet je?“
Het frame "vrede is egoïstisch en lui". Bij Wieringa gaat het om gemoedsrust en een schoon geweten. Van Bonkhorst wijst erop dat collectief weigeren om wapens te maken of te vechten een vorm van staken is, het machtigste vreedzame middel dat gewone mensen hebben.
Het frame "vrede is struisvogelpolitiek". Alsof zoeken naar alternatieven, ook via onvolmaakte diplomatie, niet bij een mensenrechtenactivist zou passen. Juist deze mogelijkheid negeren is struisvogelpolitiek, zou ik dan zeggen.
Het frame "en Palestina dan". De valse tegenstelling tussen vrede en verzet. Je kunt opkomen voor onderdrukte volkeren en je tegelijk verzetten tegen dienstplicht en tegen een wapenindustrie die oorlog in stand houdt.
Wie iedereen verwijt dat hij Putin dient, moet zelf zeggen wat hij dan wel wil. Wieringa doet dit niet. De column beschrijft het probleem, maar legt niet uit hoe deze oorlog eindigt.
Ook ik heb een gedachte-experiment voor Wieringa en anderen, zoals ook bijvoorbeeld Joris Luyendijk. Volgens een analyse van Branko Marcetic voor Responsible Statecraft, gepubliceerd op 31 augustus 2026, wordt er in de Oekraïne gepraat over het oproepen van vrouwen. Oud-minister van Defensie Reznikov steunt dat idee. Het feit dat dit idee opduikt een teken van een groot tekort aan manschappen. Als je dit als beginsel meeneemt in een nieuw gedachte-experiment, samen met de vele slachtoffers over de jaren heen en de dienstweigeraars, wat is dan het alternatief voor Wieringa? Hoelang gaan we door? Wachten we tot elke Oekraïner boven de 18 dood is?
III. Wie mag er aan tafel zitten?
Vredesactivist Willem de Haan kent dit patroon goed. Eind jaren zeventig kreeg hij als totaalweigeraar 18 maanden cel. In de Tegenlicht-podcast van de VPRO vertelt hij dat hij sinds de Russische inval vrienden is kwijtgeraakt. Het verwijt is steeds hetzelfde: hij zou naïef zijn en niet snappen hoe de wereld werkt.3
Volgens De Haan ontbreekt er in de media vooral tegenspraak. Aan talkshowtafels zitten vaak mensen in uniform. Wetenschappers en diplomaten met een ander verhaal komen weinig aan het woord. Hij noemt Jolle Demmers, hoogleraar conflictstudies. Volgens De Haan kwam er aan de Universiteit Utrecht zelfs een campagne om haar haar leerstoel af te nemen, omdat zij een “Putin-adept” zou zijn. Sindsdien hoor je haar nog maar weinig in de media. Zo werkt het etiket in de praktijk: wie het krijgt, verdwijnt uit het debat.
De Haan zet daar het advies van oud-minister Jan Pronk tegenover. Spreek niet over een vijand, matig je taal en verdiep je in de oorzaken van een conflict voordat het uit de hand loopt. Hij wijst ook op Willy Brandt, die als Duitse bondskanselier toenadering zocht tot de DDR en die in de praktijk erkende. Volgens De Haan verminderde dat de spanning en hielp het later om de Koude Oorlog te beëindigen. Hij geeft wel toe dat Brandt dit deed vanuit een sterke positie. Wat hem zorgen baart, is dat we vandaag alleen bewapening zien en bijna geen inspanning voor ontwapening en overleg.
Van Bonkhorst stelt daarnaast wat vragen die de defensielobby liever niet krijgt. Wie verdient aan de militarisering? Doen die bedrijven ook zaken met Rusland? Door wie worden defensie-experts in het nieuws betaald?
Volgens haar cijfers werden de superrijken sinds 2020 biljoenen rijker, en worden miljardairs in de energiesector veel sneller rijk dan andere miljardairs. Ze wijst op cijfers van De Nederlandsche Bank waaruit blijkt dat Nederlandse huishoudens steeds meer beleggen in de defensie-industrie. Ook wijst ze erop dat defensie-experts op televisie, ook bij Nieuwsuur, vaak verbonden zijn aan instituten die mede gefinancierd worden door Defensie en de NAVO, zoals het Hague Centre for Strategic Studies en Clingendael.
IV. De steun maakt ons juist onveiliger
Intussen komt de oorlog dichterbij. D66-Kamerlid Hanneke van der Werf zei op 7 september bij Pauw & De Wit dat we (Europa) zo nodig zelf Russische lanceerinstallaties moet aanvallen, als de Verenigde Staten onvoldoende Patriot-raketten leveren en de Oekraïne deze winter weer zwaar wordt beschoten.4
Volgens het Franse platform Intelligence Online vliegen Nederlandse oud-F-16-piloten mee in een internationaal squadron dat het luchtruim boven Kiev beschermt. Dat meldde het AD op 17 februari 2026.5 Het zou gaan om oud-luchtmachtvliegers die op basis van tijdelijke contracten Oekraïense piloten helpen, samen met onder meer Amerikaanse veteranen. Nederland schonk in totaal 24 F-16's aan de Oekraïne, met de afspraak dat de inzet ervan is voorbehouden aan Oekraïense piloten.
De Verenigde Staten delen al jaren inlichtingen met de Oekraïne. Volgens de Wall Street Journal, gepubliceerd op 1 oktober 2025, keurde president Trump kort daarvoor goed dat inlichtingendiensten en het Pentagon de Oekraïne ook helpen bij aanvallen met langeafstandsraketten op Russische energie-installaties diep in Rusland, zoals raffinaderijen, pijpleidingen en energiecentrales.6 Doel is om het Kremlin inkomsten uit olie te ontnemen. Volgens Amerikaanse functionarissen was het de eerste keer dat de regering-Trump zulke aanvallen diep in Rusland zou ondersteunen. De VS vroegen ook andere NAVO-landen om vergelijkbare steun. De VS overwoog toen ook de levering van Tomahawk- en Barracuda-raketten, maar had daar nog geen besluit over genomen. Duitsland investeerde volgens het artikel ongeveer 350 miljoen dollar in de Oekraïense capaciteit om zelf langeafstandswapens te maken.
Dit is het gevolg van alle oorlogshitserij, en dit is hoe ver we dus al gaan. Zien de verdedigers van de militarisering op de “wapens voor vrede”-koers niet dat dit de oorlog alleen maar onze kant op trekt? Waar ligt de grens van onze betrokkenheid? Zolang niemand die benoemt, schuiven we al langzaam aan ongemerkt de oorlog in. Daarom moet de inzet nu op onderhandelen liggen.
V. De cijfers achter de oorlogskoorts
Uit de begroting komt ook een keuze omhoog wat een belangrijke aanleiding is geweest voor Stop de Oorlogskoorts. Dit komt uit twee bronnen: de Miljoenennota 2027, gepresenteerd op Prinsjesdag op 15 september 2026, en de budgettaire tabel bij het coalitieakkoord van 30 januari 2026.
Volgens de Miljoenennota is voor 2027 drie miljard euro gereserveerd voor militaire steun aan de Oekraïne. Daarnaast komt 327 miljoen euro extra beschikbaar voor herstel en wederopbouw in de periode 2027 tot en met 2029, bovenop de eerder toegezegde 878 miljoen euro aan niet-militaire steun.7
De budgettaire tabel bij het coalitieakkoord laat voor de NAVO-norm van 2,8 procent in 2030 en 3,5 procent in 2035 een oplopend bedrag zien: van 2,1 miljard euro extra in 2027 tot 9,5 miljard euro in 2030, en structureel 19,3 miljard euro per jaar. Dezelfde tabel reserveert voor militaire steun aan de Oekraïne drie miljard euro per jaar in 2027, 2028 en 2029, plus 419 miljoen euro per jaar aan niet-militaire steun.8
Voor betaalbare woningen, om maar even een voorbeeld te noemen, staat landelijk 7 miljard euro gereserveerd tot en met 2035. Wanneer je deze getallen naast elkaar ziet, dan kun je het toch haast niet voorstellen dat mensen hier géén gefronsten wenkbrauwen van krijgen? We hebben het over, pak hem beet, 20 miljard voor het heter maken van een oorlog waar we nu al erg diep in zitten, tegenover ongeveer een derde daarvan voor misschien wel de grootste en langst aanhoudende crisis van dit land sinds de bankencrisis in 2008, verspreid over bijna een decennium. In deze onbegrijpelijke keuzes zit voor veel mensen geen toekomst en geen juiste proportie. Dat is nou juist de essentie van wat er oorlogskoorts wordt genoemd.
VI. “Pro-Russisch” verwijt doet mij denken aan het “antisemitisme“ verwijt richting antizionisten
De demonstratie van Stop de Oorlogskoorts is een anti-oorlogdemonstratie, geen anti-Oekraïne-demonstratie. Sympathie voor de bevolking en verzet tegen eindeloze wapenleveringen gaan samen. Zelfs op het podium werd gepleit door een van de sprekers, Eefje de Visser, over het militair blijven steunen van de Oekraïne, dus zelfs daar liepen de meningen uiteen. Het probleem lag volgens haar bij steun zonder duidelijk einddoel, want dat betekent escalatie.
Bovendien is de principiële lijn van figuren als Wieringa en Luyendijk selectief: dezelfde strijd wordt niet gevoerd voor Palestina of Jemen. Als je bereid bent ver te gaan voor kinderen in Kiev, waarom dan niet voor kinderen in Gaza? De conclusie hoeft niet te zijn dat je overal militair moet ingrijpen. Het punt is dat de verontwaardiging selectief lijkt.
Laat wie vindt dat de vredesbeweging het bij het verkeerde eind heeft, zijn plan op tafel leggen. Hoe eindigt de oorlog, wat kost het, en wie verdient eraan? Het label Putin-knuffelaar, net als het label antisemiet, dient vooral om het gesprek te sluiten. Daar win je de oorlog niet mee.
Tommy Wieringa, “De kinderen van Odesa hebben niets aan onze pacifisten”, de Volkskrant, 24 september 2026. Gearchiveerde versie: archive.ph
Marthe van Bonkhorst, nieuwsbrief Hard//hoofd, 2026.
Tara Vierbergen in gesprek met Willem de Haan, “Waarom diplomatie beter werkt dan oorlogstaal en bewapening”, VPRO Tegenlicht (podcast), 2025. youtube.com
Hanneke van der Werf bij Pauw & De Wit, 7 september 2026, en haar toelichting op X de dag erna. Zie: “Hanneke van der Werf”, GeenStijl, september 2026. geenstijl.nl
Sanne Schelfaut, “Nederlandse F-16-piloten actief in Oekraïne: ingezet om Kyiv te beschermen”, AD, 17 februari 2026. ad.nl
Bojan Pancevski, Alexander Ward en Lara Seligman, “U.S. to Provide Ukraine With Intelligence for Missile Strikes Deep Inside Russia”, The Wall Street Journal, 1 oktober 2025. wsj.com
Rijksoverheid, “Prinsjesdag 2026: extra geld voor steun aan Oekraïne en ontwikkelingssamenwerking”, 15 september 2026. rijksoverheid.nl
Budgettaire tabel en bijlage bij het coalitieakkoord, 30 januari 2026.



Je punt over het amalgaam in Wieringa’s column is terecht: het samenvoegen van uiteenlopende groepen tot één verdacht blok maakt een inhoudelijk gesprek onmogelijk. Een paar feitelijke kanttekeningen bij de rest.
Je verdelingsvraag is terecht, en daarover moet politiek gedebatteerd worden. Maar dan moet de vergelijking kloppen. Het bedrag van rond de 20 miljard is grotendeels de structurele groei richting de NAVO-norm voor de eigen krijgsmacht, geen steun aan Oekraïne. Bovendien zet je een jaarbedrag naast de 7 miljard voor woningen, terwijl dat een totaal tot 2035 is. De steun aan Oekraïne in dezelfde tabel is 3 miljard per jaar over drie jaar, dus van dezelfde orde als het woningbudget. Een groot deel van de defensiegroei is reparatie na decennia van blind bezuinigen. Het woningtekort wordt overigens vooral door grond, stikstof en bouwcapaciteit bepaald, niet door de rijksbegroting. En als het om een verdelingskeuze gaat, is het gewone politiek. Het etiket “koorts” maakt van een meningsverschil over prioriteiten een ziektebeeld, en daarmee doe je wat je Wieringa met “geïnfecteerd” verwijt.
Over Jolle Demmers: ik heb geen aanwijzingen gevonden dat er een campagne was om haar de leerstoel af te nemen. In 2023 was er een storm op sociale media na een artikel van de UU over haar lezing. De universiteit verwijderde dat artikel in overleg met haar en verdedigde tegelijk ruimte voor uiteenlopende standpunten. Ze is nog altijd hoogleraar en schrijft regelmatig opiniestukken.
De bronnen die je aanhaalt, pleiten deels tegen je conclusie. Zartmans mutually hurting stalemate betekent dat onderhandelingen pas rijp worden als beide partijen doorgaan als te kostbaar ervaren. Sweijs zegt in wezen hetzelfde. Dat vraagt juist om druk op de agressor, niet om het wegnemen ervan. Brandts Ostpolitik werkte binnen de dubbele lijn van het Harmel-rapport: defensie én ontspanning.
Marthe van Bronkhorst (Hard//hoofd) wijst terecht op terugkerende oorlogsframes. Maar ze doet zelf wat ze bekritiseert. Ze spreekt van pro-militaristen en “oorlogsplannen” van het kabinet, terwijl het kabinet werkt aan financiering, maatschappelijke weerbaarheid en een mogelijke herziening van de opgeschorte dienstplicht. Dat zijn voorbereidingen om een oorlog te voorkomen of te doorstaan, geen plannen om er een te beginnen. Ook haar suggestie dat experts verdacht zijn omdat hun instituut mede door Defensie of de NAVO wordt gefinancierd, is precies de verschuiving van argument naar persoon die je zelf bij het verwijt “Putin-knuffelaar” afwijst. Wie frames wil ontmaskeren, moet zijn eigen frames ook benoemen.
Dat raakt aan een breder punt: de tegenstelling “wapens of diplomatie” bestaat niet. Clausewitz noemde oorlog de voortzetting van politiek met andere middelen. Lenin nam dat in 1915 in Socialisme en oorlog expliciet over. Juist in de socialistische traditie is dus altijd begrepen dat oorlog en onderhandeling twee kanten van dezelfde politieke strijd zijn. Akkoorden weerspiegelen de verhoudingen op het moment van tekenen; Dayton kwam pas na Operatie Storm en de NAVO-bombardementen. Militaire steun is daarom geen alternatief voor diplomatie, maar vaak de voorwaarde om er iets mee te bereiken.
Ook dat we “erg diep” in de oorlog zitten, strookt niet met de werkelijkheid. Nederland is geen partij bij het conflict. Volgens de gangbare juridische opvatting maken wapenleveranties, training en financiële steun een staat niet tot strijdende partij, zeker niet als het steun betreft aan een land dat zich op grond van artikel 51 van het VN-Handvest verdedigt. De oud-F-16-vliegers uit je eigen bron werken op persoonlijke contracten, niet als Nederlandse militairen. De echte blootstelling van Nederland is de Russische hybride campagne in Europa: sabotage, cyberaanvallen, drones boven militaire terreinen. Die richt zich op ons, of we nu leveren of niet. Wie de nabijheid van de oorlog verwijt aan de steun, keert de volgorde om.
Over Gaza en Jemen: de inconsistentie is reëel, en Westerse wapenleveranties daar verdienen kritiek. Maar consistentie betekent dan het internationale recht ook daar toepassen, niet het in Oekraïne loslaten.
Je slotvraag is terecht, en hij geldt ook voor de vredesbeweging. Wat zou Moskou ertoe bewegen aan tafel te accepteren wat het op het slagveld niet hoeft te accepteren? En wie dwingt een akkoord af? Zonder antwoord daarop is “onderhandel” een richting, geen plan.